Het beheer van reewild

Doelstelling

WBE Heeten eo streeft naar het behoud van duurzame populaties reeën (Capreolus capreolus L) en de bevordering van het welzijn van reeën in Nederland. Binnen onze WBE zijn de meeste jagers aangesloten bij de vereniging het reewild.De meeste Reewildjagers hebben een basiscursus reewild gevolgd en zes leden hebben de diploma keurmeester behaald.

Uitvoering

Om de doelstelling te realiseren dient deskundig en actief beheer op basis van door de overheid goedgekeurde beheerplannen te worden uitgevoerd. In de plannen op te stellen door Faunabeheereenheden worden populatiegegevens gerelateerd aan belangrijke factoren zoals voedsel, rust, ruimte, schade aan zowel flora als fauna en veiligheid. Het beheer zal worden uitgevoerd in overleg en in samenwerking met beheerders van cultuur- en natuurgebieden en met de daarbij betrokken overheden. Beheermaatregelen hebben zowel op terreinen waarin reeen leven als op de omvang van de populaties betrekking. De uitvoering van beheermaatregelen wordt in handen gegeven van deskundigen. Voor zover het actief ingrijpen in de populatie betreft, acht de vereniging afschot een juiste en veilige methode. Conform de bedoelingen van de wetgever zullen adequaat opgeleide jagers – samenwerkend binnen Wildbeheereenheden – deze taak verrichten. De vereniging draagt kennis uit en geeft voorlichting en adviezen. Tevens bevordert zij wetenschappelijk onderzoek.

Gedragsregels en controle

Leden van onze WBE (reewild jagers) dienen de reeën tegen onnodig lijden te beschermen. Bij de aantalregulatie zijn de uitvoerenden gehouden zich te gedragen zoals een goed jager betaamt. Schending van deze verplichtingen kan worden aangebracht bij de Stichting Tuchtrechtspraak Jacht- en Wildbeheer, gevestigd te Utrecht. Teneinde controle op en registratie van het afschot mogelijk te maken, worden geschoten reeën voorzien van een uniek nummer.

Toelichting

De doelstelling komt voort uit het feit dat het aantal reeën in ons land zich in de voorgaande decennia heeft vertienvoudigd. Gevolg hiervan is dat reeën inmiddels verspreid over vrijwel het gehele land voorkomen. Hiertegenover staat dat het Nederlandse buitengebied intensief door de mens wordt gebruikt en ingericht waardoor er onder meer geen plaats meer is voor grote predatoren. De mens bepaalt dus direct en indirect de leefomstandigheden van reeën. Dit legt een morele en wettelijke zorgplicht op de mens om de gezondheid en het welzijn van het ree zoveel mogelijk veilig te stellen. Niet ingrijpen leidt namelijk tot overbevolking c.q. ruimtegebrek,waardoor voedselschaarste en stress optreden. Dit zijn omstandigheden waarin abnormale vatbaarheid voor ziekten ontstaan en ernstige gedragsafwijkingen voorkomen. Parasieten krijgen voorts grote invloed als gevolg van de verminderde weerstand wat onherroepelijk leidt tot omvangrijke sterfte onder de reeën. Dit proces gaat naar het oordeel van de vereniging gepaard met onaanvaardbaar veel dierenleed en de vereniging vindt dit onethisch. De vereniging is daarom van oordeel dat een consequent en actief beheer van de sterk gegroeide populaties reeën noodzakelijk is. Zij pleit voor aantallen die in evenwicht zijn met de leefomgeving en de daar geldende functies. De gezondheids- en welzijnstoestand van een ree kan volgens veterinaire inzichten worden bepaald aan de hand van het al dan niet aanwezig zijn van ziekten, parasieten, gedragsafwijkingen en verstoorde fysiologische processen. Aantalsregulatie kan eveneens noodzakelijk zijn in verband met de belangen van bos-, land- en tuinbouw, verkeersveiligheid en volksgezondheid.